Dag mam

Één blik werpt ze op mijn moeder. Een seconde later is ze totaal in paniek. “Dit kan ik niet mama!!” Huilend rent ze de kamer uit. En op dat moment besluit ik: dit gaan we niet meer doen. 

De gezondheid van mijn moeder gaat hard achteruit. De tumor in haar hoofd groeit zichtbaar. Longontsteking. Ze vermagert. Heeft geen gebit in en het zuurstofmasker half op. En ik snap dat Anouk de aanblik van haar oma eng vindt. Want dit is oma niet meer. Zo krachteloos en ziek in bed. Ik leg mijn moeder uit wat er aan de hand is en laat haar even alleen. Anouk achterna, die al opgevangen is door een van de verzorgenden van het verpleeghuis. Beide meiden zitten aan een glas frisdrank en ik troost ze. Want ook Emma vindt het eng, maar zij heeft mijn moeder korter geleden nog gezien en is niet zo erg geschrokken als Anouk. Ze gaat even bij oma langs, terwijl ik met haar zus praat. Om te zeggen dat het goed is als ze het te eng vindt om naar binnen te gaan. Dat het goed is als dit de laatste keer was dat ze oma ziet. Maar dat wil ze pertinent niet. Ze wil nog geen afscheid nemen. Desondanks is ons bezoek die dag kort. En de weg terug naar Barneveld lang. 

De dagen erna praat ik met de meiden over hoe ziek mijn moeder is, en dat ik het haar zou gunnen als ze zou overlijden. Want dit is echt niet fijn meer. De meiden zijn het met me eens, maar vinden het ook ontzettend oneerlijk dat ze zo ziek is. En dat ze oma niet kwijt willen. 

Mijn moeder zegt een paar dagen later zelf dat ze klaar is om te sterven. “Vrijdag lijkt me wel een goede dag”. Dat was wat kort door de bocht… Een paar dagen later gaat mijn broertje met zijn kinderen naar haar toe. Ze heeft een goede dag en kan zelfs even mee naar buiten. 

Ik gun mijn meiden ook zo’n dag. Dus gaan we een laatste keer naar haar toe. Afscheid nemen. Op moederdag notabene. De meiden weten het. Zijn verdrietig. Overstuur. Want het is ze helaas niet gegund dat oma nog een goede dag heeft. Ze ligt op bed. Is stilletjes. Knuffelt de meiden. Ik zie haar bewust afscheid nemen. De meiden over de rug strelend. De tranen stromen rijkelijk. Ik zeg bij het weggaan: “tot snel mam”. 

Dat tot snel mocht helaas niet meer zo zijn. Amper 36 uur later is mijn moeder er niet meer. Terwijl mijn zusje en ik vanaf dinsdagochtend zouden gaan waken, piepte mama er maandagnacht tussenuit. Vredig, in haar slaap. 

Dag mam. Rust zacht.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ik haat single zijn (maar daten bijna nog meer)

Ik haat single zijn (maar daten bijna nog meer)

Ik haat single zijn. Maar echt. Ik ben er jarenlang oké mee geweest en vond mijn vrije leventje helemaal prima. Heb na de laatste keer grof bedonderd te zijn meermaals hardop gezegd dat mijn hart voor altijd op slot ging. Als het zó moest, dan maar niet. Fuck it. Maar hoe langer ik single ben – en in mijn geval is dat láng – hoe meer ik het ga haten.

Lees verder »